Hoe steek je de straat over met een witte stok? Hier volgen de richtlijnen van de Dienst Thuisbegeleiding van BLL.
Plaats je voeten evenwijdig met de stoeprand, met de punten aan de rand. Zo vind je de juiste richting om over te steken. Het is immers belangrijk loodrecht over te steken, niet schuin.
Houd de stok diagonaal voor je lichaam, met het handvat in je rechterhand en de punt naast je linkerschoen. Dat noemen ze de wachthouding. Luister goed of er auto’s op komst zijn.
Om te laten zien dat je gaat oversteken, laat je de punt van de stok naast je voet staan en steek je je rechterarm vooruit, zodat je lichaam, je arm en de stok een driehoek vormen. Hef dan de stok op en gebruik de looptechniek om over te steken.
De meeste wegen staan een klein beetje bol: het midden van het wegdek ligt iets hoger dan de zijkanten. Wanneer je voelt dat je lichtjes naar beneden gaat, ben je al over de helft. Op dat moment kun je je klaarmaken om te voelen waar de stoeprand aan de overkant ligt.
Wanneer je op een zebrapad wilt oversteken en je bedoeling kenbaar maakt, dan heb je voorrang. Dat geldt voor alle voetgangers. Maar je moet je ook aan een andere algemene voetgangersregel houden: als je je op minder dan dertig meter van een zebrapad bevindt, dan ben je verplicht om dat zebrapad te gebruiken als je de straat wilt oversteken.
Wees steeds heel voorzichtig!
Jan DEWITTE
Laatst bijgewerkt op 29 mei 2011 – 00:04