Artikels » Mobiliteit & Toegankelijkheid » Blind en mobiel in wereld vol valkuilen

Blind en mobiel in wereld vol valkuilen

Bron: Het Volk
16 mei 2001

WEEK VAN DE ZACHTE WEGGEBRUIKER

Als er een blinde in de buurt komt, dan voel ik de blikken van de omstaanders  ‘wie gaat hem helpen?’

Dirk De Meyer

KONINGSHOOIKT

“Mobiel zijn is een noodzaak om werk te vinden.  Als blinde kom je dus niet  gemakkelijk aan de bak.”  Dirk De Meyer (43) uit Koningshooikt is dringend op  zoek naar een job.  De blinde man volgt volwassenenonderwijs in Brugge.   “Ja, ‘t is een heel eind, soms lijkt mijn reis een expeditie.  Maar ik wil  dat diploma absoluut behalen.”

Blinden en slechtzienden hebben het niet gemakkelijk in het drukke verkeer.   Voor hun verplaatsingen zijn ze altijd op een ander aangewezen.  “Ik wil  zelfstandig kunnen leven en doe dus vooral een beroep op mijn benen en op het  openbaar vervoer”, zegt De Meyer.  “‘s Ochtends vroeg vertrek ik voor een  lange reis met bus en trein van Koningshooikt via Lier naar Brugge.  Drie  keer per week volg ik herscholing in Sint-Rafaël in Brugge, een instituut dat  volwassenenvorming geeft voor blinden.”

Dirk werkte negentien jaar als telefonist in het Lierse ziekenhuis, tot hij na  een reorganisatie in 1997 werd ontslagen.  “Ik ben alleen en moet mijn huis  afbetalen.  Als werkloze kom ik amper rond.  En een job biedt ook meer  sociaal contact.  Daarom wil ik na mijn herscholing snel een nieuwe baan  vinden.”

De blinde man trekt zich goed uit de slag.  “Ik raadpleeg de dienstregeling  van de NMBS met mijn spraakgestuurde computer.  Als blinde moet je  technisch goed uitgerust zijn.  Maar mijn leven bestaat vooral uit vragen.   Telkens moet ik bij de mensen om informatie of hulp vragen.  Als er een  blinde in de buurt komt, dan voel ik de blikken van de omstaanders ‘wie gaat hem  helpen?’ Wat niet betekent dat iedereen meteen te hulp moet snellen.  Soms  zijn mensen overdreven behulpzaam, daar word ik zenuwachtig van.”

Dirk ergert zich aan de vele obstakels op het voetpad.  “Wat er allemaal  niet staat.  Als ziende merk je dat wellicht niet meer maar voor een blinde  is het één grote valkuil.  In Brugge zijn de voetpaden te smal en staat er  wel altijd iets in de weg, fietsen, vuilniszakken, lantaarnpalen,  wegsignalisatie en de meest onverwachte hindernissen.  Vandaag botste ik  bijna tegen een bromfiets die dwars over het voetpad stond.”

Blinden moeten permanent waakzaam zijn.  “Vooral bij wegenwerken.   Dikwijls is een diepe put uitsluitend aangeduid met een plastic lint.  Zo  sukkelde vorige week een blinde vrouw in een diepe kuil.  Gelukkig val ik  zelden.  Zonder gezicht ben je aangewezen op je ervaringen.  Een goed  oriëntatiegevoel is daarbij een hulp”, zegt Dirk.

Nieuwe verkeersinfrastructuur is niet altijd een zegen.  Bij het  heraanleggen van doortochten in de dorpskommen delen het autoverkeer en de  zachte weggebruiker een gelijkgrondse weg.  Maar de afwezigheid van een  verhoogd trottoir maakt het voor de blinde moeilijk zich te oriënteren.   “Soms sta ik plots midden in een drukke straat.  Ook op de rotondes verlies  ik soms het richtingsgevoel.  Ik ken blinden die de autobus nemen net voor  een rotonde en er voorbij opnieuw uitstappen.  In gebieden met een zone-30  zijn er nog nauwelijks zebrapaden.  En maar weinig oversteekplaatsen zijn  beveiligd met een geluidssignaal bij groen licht.”

Overzicht van alle artikels in de categorie Mobiliteit & Toegankelijkheid

Laatst bijgewerkt op 28 mei 2011 – 23:56